|
Reparatiedecreet Ruimtelijke Ordening binnenkort goedgekeurd |
|
|
|
29/04/2010 |
|
Op
1 september 2009 trad de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) in
werking. Uit een eerste analyse en uit de praktijk van de gemeenten
blijkt dat daaraan een aantal dringende technische aanpassingen
doorgevoerd moeten worden.
De Commissie Ruimtelijke Ordening van het Vlaams Parlement hield
onder leiding van Bart Martens hierover hoorzittingen, waarna een
voorstel van decreet werd voorgelegd. De Raad van State geeft momenteel
advies en nadien kan het gestemd worden.
In het voorstel ook een belangrijke interpretatieve bepaling voor
zonnepanelen. De plaatsing van fotovoltaïsche zonnepanelen of
zonneboilers die geïntegreerd zijn in het dakvlak, is vrijgesteld van
stedenbouwkundige vergunning. Die vrijstelling geldt echter voor zover
er geen strijdigheid is met stedenbouwkundige voorschriften en
verkavelingsvoorschriften. Daar is er een probleem als
BPA-voorschriften (bijzonder plan van aanleg) of
verkavelingsvoorschriften het materiaalgebruik beperken tot
bijvoorbeeld pannen en leien. In dat geval is een stedenbouwkundige
vergunning nodig en een afwijkingsprocedure. Die omslachtige procedure
zorgt voor heel wat administratieve overlast.
Vandaar dat een toevoeging aan het afwijkingsartikel wordt
voorgesteld. Als stedenbouwkundige voorschriften en
verkavelingsvoorschriften de plaatsing van zonnepanelen uitdrukkelijk
verbieden (wat uiterst zelden zal voorkomen), dan blijven die
voorschriften primeren, zolang ze niet gewijzigd worden. Door het
Aanpassingsdecreet werd de strafbaarheid van onderhoudswerken en van
vergunning vrijgestelde handelingen, strijdig met een RUP of plan van
aanleg, opgeheven. Het opheffen van de strafbaarheid staat nog niet
gelijk met het toelaatbaar maken van die handelingen. Derden kunnen
bijvoorbeeld voor de burgerlijke rechtbank nog steeds optreden tegen de
handelingen die uitgevoerd worden in strijd met stedenbouwkundige
voorschriften (tegen bijvoorbeeld een klein houten tuinhuisje bij een
woning in agrarisch gebied).
Vandaar dat in het voorstel van decreet een fundamentelere oplossing
wordt voorgesteld. Er wordt uitdrukkelijk bepaald dat deze
onderhoudswerken en handelingen vrijgesteld van vergunning niet als
strijdig met de voorschriften van het gewestplan, gewestelijke of
provinciale ruimtelijke uitvoeringsplannen beschouwd worden.
Gemeenten
willen in BPA's, gemeentelijke RUP's of verkavelingsvergunningen soms
bewust strenger zijn dan de algemene Vlaamse reglementering. Uit
respect voor de subsidiariteit moet dat mogelijk blijven. Vandaar dat
we voorstellen dat gemeenten in een gemeentelijke stedenbouwkundige
verordening de lijst kunnen vaststellen van de bijzondere plannen van
aanleg, gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen en
verkavelingsvergunningen waarbinnen onderhoudswerken aan een
hoofdzakelijk vergunde constructie of handelingen die vrijgesteld zijn
van de vergunningsplicht, niet worden beschouwd als strijdig met de
voorschriften. In de BPA's en verkavelingen die niet op deze lijst zijn
opgenomen, blijven de voorschriften primeren (voor zover ze strenger
zouden zijn dan de Vlaamse vrijstellingen).
Bekijk het voolledige voorstel in bijlage
|